Schrijven,
en dan bedoel ik niet een paar gekrabbelde regels op de sociale kanalen, nee
echt schrijven aan een verhaal, boek of gedicht is het allerleukste wat er is.
Schrijven begint in je hoofd. In gedachten heb je goeddeels je boek al geschreven.
Dan pas en niet eerder moet je je achter je laptop zetten. Wanneer je niet op
zijn minst weet waar je boek over gaat, welke hoofdpersonen erin rondlopen en
hoe het verhaal ongeveer zal eindigen, vergeet het dan maar. Staren naar een
wit vel papier of een leeg scherm levert in dat geval louter frustratie op. Vaak
denken mensen dan dat ze een writer’s block hebben, terwijl het alleen je
interne criticus is die hard schreeuwt dat je geen talent hebt. Draai hem
direct de nek om. Je kunt het!
Maar hoe
begin je dan? Veel mensen hebben weleens een briljant idee voor een prachtig
verhaal maar schrijven toch geen boek.
Voor mij
is het starten bij het begin, met zinnen. Leer hoe je mooie zinnen schrijft,
lees veel en verzamel zinnen die jij mooi vindt. Kun jij zeggen waarom de ene
zin je wel treft en de andere niet? Alles staat of valt bij taal in mijn
optiek.
Het helpt
als je – zoals ik – opgegroeid bent in een familie met een voorliefde voor
boeken en met uitpuilende boekenkasten. Maar zelfs als dat niet het geval is,
kun je altijd starten met lezen. Er valt veel te leren van goede schrijvers (en
van de slechte hoe het niet moet).
Begin
stap voor stap. Het helpt ook om enkele schrijfcursussen te volgen waarbij je
in ieder geval iets leert over de opbouw van een boek. Hoewel ik de eerste ben
die zegt dat regels, zodra je ze kent, ook genegeerd of aangepast mogen worden.
Een verhaal kan er spannender door worden.
Maak je
ambities niet te groot. Zeker in het begin kan het verleidelijk zijn te denken
dat jij de volgende kanshebber bent voor een grote literaire prijs. Nee,
schrijf vooral vanwege de opwinding over het vinden van mooie plots en
geweldige zinnen die in je verhaal belanden. Denk nooit aan mensen die wellicht
ooit jouw werk gaan lezen. Schrijf voor de pret die je met schrijven kunt
hebben. Maragaret Atwood zei eens: ‘Schrijven is als skiën. Zodra je halverwege
denkt hoe doe ik het, val je voorover en stopt alles.’
Merk je
dat het verhaal soms een andere richting uitgaat dan je tevoren bedacht?
Allemaal prima, zolang je de hoofdplot en het einde dat je al in je hoofd had
zitten niet uit het oog verliest.
Overigens
moet je ook bij fictie veel feiten checken, onderschat lezers nooit. Alles moet
kloppen. Zo moest ik bijvoorbeeld voor mijn eerste roman uitzoeken wanneer
verse vijgen in Italië rijp zijn. De vijgenboom speelt een cruciale rol in het boek.
Het seizoen moest wel kloppend zijn bij het verhaal.
Het
gezegde ‘oefening baart kunst’ is ook op schrijvers van toepassing. Schrijf
elke dag een stukje. Heb je plezier bij wat je doet, dan heeft de lezer dat meestal
ook.
Een goede
tip die ik ooit kreeg, zal ik je niet onthouden. Check de eerste veertien
pagina’s van je boek extra goed, dat zijn de pagina’s die de verkopende
boekhandelaar online toont als inkijkje in jouw schrijfkeuken. (Bij die
veertien zit ook je omslag, titelpagina, colofon en eventuele opdrachtpagina of
voorwoord).
Tenslotte,
stop met klagen en schrijf eindelijk dat boek!
© Cecile
Koops
16-09-2025